Monthly Archives: November 2019

Dag 26 (30 Nov): De machtige Mount Cook

Vanochtend zijn we vanuit Twizel het Aoraki/Mount Cook Nationaal Park in gereden. De weg loopt langs het Pukakimeer, dat gevoed wordt door de gletsjers van de Zuidelijke Alpen. Hierdoor heeft het een haast onnatuurlijke blauwe kleur, veroorzaakt door zeer kleine rotsdeeltjes die door het gletsjerwater worden meegevoerd van de bergen. We komen uiteraard voor de hoogste berg van Nieuw Zeeland, Mount Cook met een hoogte van 3724 m. Dit is voor ons geen berg om te beklimmen, dat is voor doorgewinterde bergbeklimmers. Wij houden het bij een hike door de Hooker Vallei, die ons een prachtig uitzicht geeft op de berg. Niet onbelangrijk hierbij is het zonnige weer en het beperkte wolkendek. Er zijn dagen (ook in het voorjaar en de zomer) dat de berg volledig verdwijnt in wolken en nevel.

Na de hike zijn we in Mount Cook Village nog naar het Edmund Hillary Museum geweest. Edmund Hillary en zijn gids, Tenzing Norgay, waren de eersten ter wereld die de top van de Mount Everest hebben bereikt (in 1953). Daarnaast hebben we een documentaire gekeken over de reddingsdienst voor Mount Cook. Per jaar moeten er circa 30 mensen van de omringende bergen (waaronder Mount Cook) gered worden. Met name Mount Cook is berucht vanwege snel veranderende weersomstandigheden en gevaar voor lawines. Het verhaal over de redding van een man die eerst 250 meter was gevallen en vervolgens in een scheur in het sneeuwdek terecht was gekomen, was indringend. Onder zeer moeilijke omstandigheden met veel wind, hebben de reddingswerkers hem er levend uit gekregen, maar hij is een dag later alsnog overleden.

Voor de rit naar onze slaapplaats van vanavond, in de plaats Lake Tekapo, moesten we eerst weer het park uit via dezelfde weg. In de zijspiegels zie we Mount Cook langzaam uit beeld verdwijnen, maar later op onze route hebben we nog een paar keer uitzicht op de andere kant van de berg.

Het Pukaki meer met op de achtergrond de zuidelijke alpen waaronder Aoraki / Mount Cook.

Bij onze B&B worden we verwelkomt door onze gastvrouw, die vooral via haar telefoon met ons praat. Ze is Japans en spreekt nauwelijks Engels en gebruikt haar telefoon om de informatie die ze met ons wil delen in het Engels te vertalen en uit te laten spreken.

De andere bezienswaardigheid van Lake Tekapo, een klein kerkje vlak bij het meer (plus heel veel wilde bloemen).

Dag 25 (29 Nov): Smalle paadjes en natte knieën

Voordat we vandaag naar onze volgende bestemming rijden, gaan we naar Arrowtown, een klein plaatsje vlak bij Queenstown. Het dorpje heeft een rijke goudmijnhistorie met onder andere overblijfselen en het deel van het dorp waar Chinese immigranten woonden die in de goudmijnen werkten. Daar hebben we echter weinig tijd aan besteed. Na de ‘rust’-dag van gisteren hadden wij wel zin in nog een hike dus wij hebben onze hikingschoenen aangetrokken en zijn op pad gegaan naar de top van ‘Big Hill’. Een mooie route die begon met een steil stuk in het bos en daarna in meer open terrein kwam. Gelukkig hadden we ons ingesmeerd want het was prachtig zonnig weer. Vooral in het open terrein was het pad erg smal, op sommige plekken net iets meer dan een schoen breed.

Na een uurtje of twee waren we bij een kruising waar we rechtsaf richting de top van ‘Big Hill’ konden. Daar zagen we ook dat we niet persé terug zouden hoeven lopen, maar verder konden gaan, zodat we er een rondje van konden maken. Bij dit deel van de route stond wel dat deze voor gevorderden was en dat bij hoog water in de Arrowrivier de doorwaarbare plaatsen minder (of niet) doorwaadbaar zouden zijn. Maar ach, het is mooi weer, dus hoe erg kan het zijn en we zijn qua hiken ondertussen wel wat gewend, dus we beschouwen onszelf wel als ‘gevorderd’.

In het midden Mount Alfred en helemaal in de verte aan de rechterkant The Remarkables nog een keer.

En we zijn teruggekomen, dus het is allemaal gelukt, maar wel met een paar uitdagingen. Allereerst werd het pad, voor zover mogelijk, op sommige plekken nog smaller, met links en rechts bosjes met soms flinke stekels. Daarnaast ook prachtige bossen met gele bloemen (en zonder stekels). Daarnaast was het water op de doorwaadbare plaatsen toch wat hoger dan we verwacht hadden en er zat ook aardig wat stroming in. Bij de eerste, wij dachten toen nog dat we maar één keer hoeften over te steken, hebben we onze schoenen en sokken uitgetrokken en onze broekspijpen opgerold tot onze knieën. Schoenen en sokken droog gehouden, maar de broek was toch al nat, zo diep was het water. O ja, en het water was koud! Aan de andere kant de schoenen en sokken weer aan (lekker warm) en door op het pad.

Jeroen is ook aan de andere kant van de wereld allergisch voor dingen… zoals deze bloemen (Hatsjoe!)

Al snel bleek echter dat we nog twee keer moesten oversteken, waarbij het water beide keren net iets dieper was dan de keer daarvoor. Maar we waren inmiddels 4 uur onderweg en teruggaan vonden we geen optie, dus ook hier maar door het water. Om meer grip te houden in het snel stromende water hebben we deze twee keren wel onze schoenen aangehouden. Beide laatste keer kwam het water ruim boven onze knieën. Daarna kwamen we gelukkig op betere weg, waarbij het er naar uit zag dat we niet opnieuw door (diep) water hoefden. Hoog tijd om het water uit onze schoenen te gieten en de sokken even uit te wringen voordat we verder gingen. Daarna moesten we nog wel ongeveer 5 km, maar dat was over een goede weg / pad, dus na nog een uur waren we terug bij de auto.

De eerste keer de rivier over… Ja, dit is 10 meter breed en een halve meter diep.

Al met al toch een iets meer enerverende hike (van 18,5 km met 825 hoogtemeters) dan we vooraf gepland hadden. Onze broeken waren inmiddels wel opgedroogd en met droge sokken en schoenen en een kleine versnapering, waren we klaar voor de rit naar Twizel, zo’n 2 uur rijden.

Dag 24 (28 Nov): Nog meer bergen (maar niet naar boven vandaag)

Vandaag doen we het wat rusteriger aan. Na het ontbijt rijden we richting het plaatsje Glenorchy. De weg kronkelt langs het Wakatipumeer, met daarachter de bergen van de Zuidelijke Alpen. We stoppen onderweg regelmatig om van het uitzicht te genieten. Het weer is wat wisselend. Het is best warm, ruim 20 graden, maar zo af en toe komt er een klein buitje voorbij. We rijden vanaf Glenorchy door voor een kleine hike naar het Sylvanmeer. Uiteraard rijden we hiervoor weer de laatste 10 km over een oververharde weg, maar ook dat went. De hike begint met een hangbrug over de Dartrivier (met best snel stromende water). Daarna gaan we het bos in waardoor we in ieder geval beschut zijn voor de kleine buitjes. De route is vlak en door de steeds sterker wordende wind, merken we dat we dichter bij het meer komen. Vanaf het meer hebben we redelijk uitzicht op de omliggende bergen, maar wat verder weg is in wolken en nevel gehuld. We maken het rondje af door het bos, waarbij we regelmatig onheilspellend gekraak van de bomen om ons heen horen. Door de harde wind sneuvelt er regelmatig ééntje zien we om ons heen, gelukkig geen toen wij er rond liepen. Na vijf kwartier zijn we weer terug bij de auto.

Het Sylvanmeer met een berg op de achtergrond die waarschijnlijk ook wel te zien is in The Lord of the Rings.

We rijden daarna nog wat verder door en komen ook langs ‘Paradise’, dit is ook één van de plekken waar gefilmd is voor Lord of the Rings. Er waren ook hier excursies met gids die je langs de verschillende plekken leiden waar gefilmd is (Paradise was namelijk niet de enige). We rijden nog een stukje verder door, maar worden wel gewaarschuwd dat er meerdere ‘fords’, oftewel plekken waar je met de auto door de rivier moet, in plaats van via een brug er overheen. We komen twee van deze fords tegen en dat gaat nog prima met onze auto. Het begint inmiddels wel te regenenen waardoor de uitzichtenminder worden, dus we besluiten om terug te gaan. Toch nog even iets over bruggen hier in Nieuw Zeeland. Blijkbaar vinden ze het in veel gevallen niet heel zinvol om bij een weg waar twee auto’s naast elkaar passen (zeg maar de standaard 80 km weg in Nederland) ook de bruggen zo breed te maken. Je ziet hier dan ook heel veel 1-baans-bruggen, waarbij één van beide zijden voorrang heeft. We hebben het hier niet over bruggetjes van een paar meter. Ze zijn soms tientallen meters lang en komen zelfs voor op de routes van de State Highways (de naam voor de grote doorgaande wegen in Nieuw Zeeland).

The Remarkables, ook bekend als The Misty Mountains uit The Lord of the Rings trilogie.

Terug bij de B&B eerst een kopje thee met een lekker koekje (weer gebakken door Mitzy, die gastvrouw). ‘s Avonds nog een keer Queenstown in voor een hapje eten en een lekker ijsje als toetje.

Onze B&B, ook bekend als The Old Ferry Hotel B&B (omdat het gebouw van 1872 tot 1971 The Ferry Hotel was).

Dag 23 (27 Nov): Uitzichten, en de oudste B&B

Vandaag staat één van de populairste daghikes van Nieuw Zeeland op het programma, Roy’s Peak. Het kan nog wel eens druk worden, dus we maken haast en staan om 8:45 aan het begin van de track. Dan staat de halve parkeerplaats al vol, en het is geen kleine parkeerplaats, we zijn dus zeker niet de eersten. Het is gelukkig redelijk mooi weer. Wel bewolkt, maar de wolken zitten hoog zodat we prachtige uitzichten op het Wanakameer hebben.

De hike op zichzelf is niet heel bijzonder, over 8 km afstand 1200 m omhoog klimmen en via dezelfde weg weer naar beneden. Omdat het echter een zo goed als kale berg is (waar voornamelijk schapen op grazen) heb je de hele weg uitzicht over het meer en over de andere bergen, en vooral dat maakt het een populaire hike. Dit betekent ook dat de wat minder getrainde toerist de hike graag wil doen, en dat merken we vooral op de terugweg waarbij we toch menig fronzend gezicht tegenkomen. Vooral op de top was het overigens fris door een straf windje en het achterwege blijven van de zon, maar verder was het heerlijk wandelweer. Toch hier even gepauzeerd om een mueslireep te eten en ons laatste restje thee op te maken, want daar waren we toch we aan toe en we moesten natuurlijk ook nog weer terug.

Toen we rond een uur of één weer beneden stonden hebben we nog wat fruit en noten als 2e lunch gegeten en daarna zijn we afgereisd naar de nieuwe eindbestemming voor vandaag, Queenstown. Een stadje met 20 duizend inwoners, dat in het hoogseizoen dagelijks tot wel 100 duizend toeristen op bezoek krijgt. Onze B&B ligt een kilometer of 10 buiten de stad en het is er weer eentje met een verhaal. Al in 1872 verbleven hier de eerste gasten, toen was het nog een (klein) hotel. Voor zover ons bekend is dit de oudste B&B waar we in verbleven hebben. We werden ontvangen met heerlijke versgebakken brownies voor bij de thee. ‘s Avonds hebben we in Queenstown erg goed Indiaas gegeten.

Dag 22 (26 Nov): Nog een keer de gletsjer en watervallen

Vandaag nog een tweede kans om meer te zien van de Frans Jozef gletjser. Dit keer niet van boven maar juist meer van onderaf. We rijden weer naar onze vertrouwde parkeerplaats en lopen vanaf daar, deels door de op dit moment grotendeels droogstaande rivierbedding, naar een punt op ca. 750 meter van de onderkant de van de gletsjer. Dichterbij mag niet, omdat dat niet veilig is, onder andere vanwege de soms onvoorspelbare weersomstandigheden. De rivierbedding waar we doorheen lopen kan bijvoorbeeld binnen een paar uur volledig gevuld zijn als het flink gaat regenen. Onderweg zien we op verschillende borden hoe ver de gletsjer in de laatste 110 jaar is teruggetrokken, en dat is een flink stuk, waarbij als belangrijkste oorzaak de opwarming van de aarde wordt gegeven. Net als gisteren horen we tijdens het lopen voortdurend de helikopters die rondvluchten over de gletsjers verzorgen en mensen afzetten op de gletsjer voor begeleide excursies.

Hierna wordt het tijd voor de, ook weer vrij lange, rit naar onze volgende stop: Wanaka. Gelukkig is er genoeg te zien onderweg. Het ene moment rijden we door de bergen van de Zuidelijke Alpen om daarna weer richting de westelijke kust te gaan en een tijdje langs het water te rijden. We stoppen regelmatig om te genieten van het diverse uitzicht en H2O in vloeibare vorm te bewonderen bij verschillende watervallen en een rivier met zeer helder water (Blue Pools).

Dichter bij onze bestemming komen we langs twee grote meren, eerst Lake Wanaka aan onze rechterzijde en daarna Lake Hawea aan onze linkerzijde. Het is duidelijk dat we ons nog steeds in het gebied van de Zuidelijke Alpen bevinden. Overal waar we kijken zien we bergen, niet alleen als we over de meren heen kijken, maar ook vanuit onze motelkamer. Zelfs tijdens het douchen kunnen we uitkijken over de bergen (totdat het raam te veel beslaat).

Lake Wanaka + bergen

Dag 21 (25 Nov): In de wolken

Vandaag gaan we voor een hike die ons uitzicht geeft op de Frans Josef gletsjer. Het weer ziet er best goed uit, het is droog en niet te koud. De bewolking hangt echter nog wel wat laag, dus is het zal afwachten zijn wat we kunnen gaan zien.

Niettemin na het ontbijt vol goede moed op pad. Eerst met de auto naar het startpunt van de hike, dachten wij tenminste…Netjes geparkeerd op de (best wel enorme) parkeerplaats, blijkt dat we eigenlijk 1,5 km eerder een kleinere parkeerplaats hadden moeten hebben. We hadden echter al gezien dat deze helemaal vol stond, dus we besluiten om toch maar vanaf de parkeerplaats waar we nu staan de beginnen. Hierdoor wordt onze totale verwachtte afstand van vandaag bijna 20 km. Daarbij gaan we ongeveer 1100 m omhoog.

Rond 9 uur weg gaan we start. Het begin is vlak, dit is namelijk een standaard route tussen de twee parkeerplaatsen die je ook met de fiets kunt doen. Vanaf het begin van de hike lopen we in het bos en na ca. 3 km gaan we ook duidelijk omhoog met hier en daar wat klein klauterwerk. Na ongeveer 1,5 uur komen we bij het eerste uitzichtpunt. We hebben vanaf hier zicht op een klein deel van de gletsjer (de rest zit in de wolken) en vooral op het gebied ervoor, vanwaar de gletsjer zich heeft teruggetrokken. We vervolgen onze weg, verder omhoog. Bij het tweede uitzichtpunt, genaamd Kerstmis-uitzichtpunt (wij vragen ons ook af waar deze naam vandaan komt), hebben we meer zicht op de gletsjer omdat we beter de vallei in konden kijken. Jammer genoeg was ook de bewolking wat verder gezakt, dus dat belemmert het zicht juist meer. Verder naar boven toe wordt het niet beter met de bewolking, maar dat weerhoudt ons er (uiteraard) niet van om door te gaan. Zoals verwacht is op de top (van Alex Knob, de naam van deze berg) het uitzicht op de gletser nul, alles om ons heen is wit, we zitten letterlijk in de wolken. Wel hoog tijd om even uit te rusten en wat te eten en stilletjes hopen dat de bewolking toch nog wegtrekt… (dat kan soms snel gaan). De bewolking bleef echter hangen en na een kwartiertje zijn we toch maar weer naar beneden gegaan. We waren rond een uurtje of vier terug bij de auto.

Het eerste uitzichtpunt, hierop is de voet van de gletsjer net te zien, maar het sneeuwveld nauwelijks.
Zonder bewolking was dit een prachtig shot van de gehele gletsjer met besneeuwde pieken van de zuidelijke alpen.

Eenmaal terug bij het motel waar we verblijven, maar eens een wasje gedraaid. Met name de hiking-kleren waren daar wel aan toe. Er zijn namelijk grenzen aan de kracht van deodorant en zeker vandaag was het hier en daar echt modderig, waardoor de broek onder je knieën een andere ‘uni’-kleur krijgt…

Dag 20 (24 Nov): Pannekoeken en ‘The Usual Suspects’

Vandaag staat een lange rij-dag op het programma. Minstens een uur of 4 rijden, dus geen hikes op het programma maar wel wat interessante bezienswaardigheden langs de route. Maar allereerst natuurlijk het ontbijt bij de B&B. Zoals gewoonlijk weer goed verzorgd, en we hebben daar tot een uur of 10:00 gekletst met de eigenaren en het Duitse stel dat daar ook verbleef. Zij blijken dezelfde route als wij te rijden vandaag (er is eigenlijk maar één weg tussen Westport, en onze bestemming Franz Josef).

De Duitsers krijgen een voorsprong, wij moeten eerst tanken en nog wat proviand inslaan voor onderweg. Daarna is de eerste bezienswaardigheid langs de route een kolonie pelsrobben (zie zoekplaatje hieronder). Het wolkendek dat ons ‘s ochtends tijdens het ontbijt al opgevallen was, is hardnekkig en het miezert er behoorlijk bij. Uiteraard laten de pelsrobben zich daardoor niet uit het veld slaan, zij kunnen namelijk wel 11 minuten onder water blijven en tot 250 meter diep duiken, dus een beetje water deert hun niet. Er liggen er een aantal op de rotsen, maar je moet echt goed kijken, wat er zit weinig beweging in. Hier zien we ook een Nederlands stel lopen dat we de afgelopen dagen al minstens drie keer op verschillende plekken eerder hebben gezien (Kaiteriteri, Motuoka, en Takaka). Het valt hun nu ook op!

Er zitten in deze foto (klikken voor groter) minstens 10 pelsrobben verstopt, mogelijk meer.

Hup weer de auto in om op weg te gaan naar de volgende halte. De Pannekoekrotsen bij Punakaiki. Uit laagjes opgebouwde rotsen die door het water geërodeerd zijn, zodat ze op stapels pannekoeken lijken. Hier komen we het Duitste stel weer tegen, en die Nederlanders ook… eigenlijk zien we steeds meer bekende gezichten. Bij elk uitkijkpunt zie je wel een gezicht dat je eerder op de dag ook gezien hebt.

Stapels met pannekoeken… met een beetje fantasie natuurlijk!

Van Punakaiki rijden we, met hier en daar een tussenstop om de benen even te strekken, door naar Franz Josef. Halverwege is de regen gelukkig opgehouden en laat de zon zich zowaar zo nu en dan zien. Het dorpje Frans Josef, met 770 inwoners, moet het vooral van het toerisme naar de Franz Josef Gletsjer hebben. Hopelijk hebben we morgen wat beter weer zodat de hike die we gepland hebben niet alleen een lekkere workout is, maar ook mooie uitzichten op de gletsjer oplevert.

Dag 19 (23 Nov): Geen berg maar naar de bergkam

Wederom een prachtige dag vandaag dus prima weer nog een tweede hike in Nelson Lakes Nationaal Park, maar niet zonder ontbijt natuurlijk. We zijn goed verzorgd door onze gastvrouw en -heer bij deze B&B. Na de borrelhapjes gisteren hadden we vanochtend verse zwartebessen muffins bij het ontbijt en we hebben er zelfs een paar mee gekregen voor onderweg.

Deze hike start aan de oostkant van Lake Rotoiti, tenminste, aan de andere kant dan de West Bay waar we gisteren waren begonnen, dus ik neem even aan we nu aan de oostkant zitten. Hier gaan we direct het bos in en in eerste instantie gaan we vrij geleidelijk omhoog. Het pad is hier en daar wat technisch met grote stenen en boomwortels, maar verder prima te doen. Soms is het even zoeken naar de juiste weg, maar daarbij worden we geholpen door plastic oranje pijlen (10-15 cm groot) die ons de weg wijzen. Dit soort ‘bewegwijzering’ hebben we overigs bij de meeste hikes. Op grotere hoogtes zie we vaker palen of metalen staven die wat hoger zijn, zodat ze ook nog zichtbaar zijn als er pak sneeuw ligt. Dat was nu uiteraard niet het geval. We zigzagden door het bos, tot we bij de boomgrens kwamen op zo’n 1400 meter. Vanaf daar was het eerst een klein stukje rotsachtig en daarna steil omhoog naar de top van de St. Arnoud bergkam. Hier stonden we precies op de grens van twee districten: Marlborough en Tasman. Uiteraard hadden we ook nu weer een goed uitzicht over Lake Rotoiti. Aan de andere kant was het uitzicht iets minder, hier lag op sommige plekken ook nog een beetje sneeuw. Dat laatste was tot 10 dagen geleden wel anders hadden we van de B&B-eigenaren begrepen. Nu was het echter heerlijk weer, ook boven op de bergkam, dus een mooi moment voor een mok thee met daarbij natuurlijk de muffin die we meegekregen hadden.

De besneeuwde pieken van de zuidelijke alpen, het Rotoiti meer, en het dorpje Saint Arnoud op 1 foto.
De andere kant van de bergkam,waar in de verte nog net de Wairau rivier is te zien.

In dit geval was het een ‘heen-en-weer’-hike, dus na de kleine pauze op weg naar beneden via (ongeveer) dezelfde route. We waren rond 2 uur terug bij de auto met 12 km en ca. 1000 hoogtemeters in de benen. Tijd om de benen wat rust te geven en op pad te gaan naar onze volgende bestemming, Westport, een oud goud- en kolenmijn stadje (6000 inwoners nu). De eigenares van de B&B vertelde ons wat de beste plekken zijn om te eten en waar we het beste de lokale delicatesse (Whitebait) kunnen eten. Whitebait is een verzamelnaam voor kleine jonge visjes (max 4 cm lang) die hier in een soort omelet gebakken worden. De visjes worden dus in z’n geheel gegeten, inclusief kop en ingewanden. Wanneer beschikbaar is het doorgaans de duurste vis op de markt, soms meer dan €100 per kilo. Wij laten deze delicatesse dus even links liggen en gaan voor een doorsnee maaltijd bij een lokale “Mom and Pop Diner”, oftewel een restaurant uitgebaat door een familie.

Dag 18 (22 Nov): Uitzicht op Rotoitimeer (Nelson Lakes)

Na een wederom een goed ontbijt stappen we in de auto richting St. Arnaud, aan de rand van Nelson Lakes Nationaal Park. Dit park heeft zijn naam te danken aan de twee grote meren die er onderdeel van uit maken: Lake Rotoiti (klein meer) Lake Rotoroa (groot meer). Wij zitten bij onze B&B bijna met onze voeten in het water van Kerr Bay dat onderdeel uitmaakt van Lake Rotoiti.

De twee baaien van het meer vanaf Mt. Robert.

Maar voordat we daar ‘aan land gingen’ uiteraard nog een kleine hike gedaan om wat meer van de omgeving te zien. Altijd handig om daarvoor een bergje op te gaan, vandaag was dat Mount Robert, een rondje van bijna 9 km waarbij we 561 meter omhoog gingen. Na een kort stukje door het bos gingen we met een klassieke zigzag-route verder omhoog langs een grotendeels vrij kale berg. We waren al snel hoog genoeg voor de eerste uitzichten over Lake Rotoiti. Wat hoger op kwamen we toch weer tussen de bomen: eng uitziende, half zwarte berken, een beetje alsof je door een eng sprookjesbos loopt. Gelukkig kwamen we vervolgens boven de boomgrens en was het dus afgelopen met de bomen. Het was weer prachtig weer vandaag en zeker op de kale hoger gelegen delen hadden we het geluk dat er nauwelijks wind stond. Hierdoor waren ook deze stukken prima te doen met blote armen. Vanaf het hoogste punt weer verder, eerst nog langs een trekkershut en daarna door naar beneden. Ook hier weer lekker zigzaggen en daarna de laatste paar kilometers weer vooral door het bos.

Het enge sprookjesbos!

Bij onze B&B werden we hartelijk ontvangen en nadat we ons hadden opgefrist hebben we geborreld met onze gastheer- en vrouw, compleet met worst, brie, druiven en mini-kaas-bacon-ui-hapjes. Van ons avondeten moeten toch vooral de toetjes nog even genoemd worden: Jeroen had echte appelbeignets (zelfs met Nederlandse vertaling op het menu: Appelflappen) en Saskia Oostenrijkse Kaiserschmarrn (luchtige pannekoek met rozijnen). Op de vraag hoe deze gerechten (en hun beschrijving in de orginele taal) op het menu waren gekomen, gaf de serveerster aan dat de kok uit Duitland kwam. Beiden smaakten heerlijk!

Mt. Robert vanaf het meer.

Dag 17 (21 Nov): Strand, bos, schapen en sauna

Na een goed ontbijt van Belgische makelij (de gastvrouw en -heer zijn Belgen), inclusief een stuk Belgische chocolade voor de liefhebber (ja, dat zijn we), stappen we in de auto voor een strand-uitje. Het is vanochtend nog wat frisjes, maar de zon schijnt en het belooft een mooie dag te worden.

Voor onze hike van vandaag moeten we eerst nog een klein uurtje rijden, waarvan het laatste kwart van de route weer onverhard is. Dat zien we hier toch een stuk meer dan op het Noordereiland is onze indruk (zie dag 13, de route naar Mount Fyffe). We beginnen de hike met een klein stukje door de weilanden. Daarna komen we al snel op het strand uit, waar we een heel stuk langs het strand kunnen lopen als het eb is (en dat is het bijna, want dat hadden we van te voren uitgezocht). Jammer genoeg waren er nog geen kleine pelsrobben te zien, die hier soms gespot kunnen worden.

Stukje over het strand.

Vanaf het strand gingen we vervolgens weer iets meer landinwaarts. Eerst een klein deel door het bos (dat vooral uit varens bestond) en daarna een flink stuk door de glooiende weilanden die bevolkt worden door schapen. Daarna volgt nog een derde deel van de route waarbij we weer meer door het bos gaan en omhoog. Hier is het pad op sommige plekken erg smal. Eenmaal door het bos komen we in het lange gras en hebben we aan onze rechterhand weer uitzicht op het water. Het uitzichtpunt waar we naar toe lopen heet “Boundery viewpoint” oftewel “Grens-uitzichtpunt” en dat is ook letterlijk wat het is. We komen bij een relatief hooggelegen punt waar private grond begint waar we niet mogen komen, wel een beetje een anticlimax. De weg terug voert ons weer voornamelijk door de graslanden met schapen. We hadden bij deze hike wel een beetje een Wales-gevoel (vakantie van vorig jaar) omdat de route niet altijd even goed stond aangegeven en we over de verschillende weide-afschijdingen konden komen via een soort mini-trapjes die we in Wales ook veel hebben gezien.

Een stukje ‘farmland’, in dit geval zonder schapen.

Terug bij de auto moesten we opletten dat de pauw die op de parkeerplaats rond paradeerde niet in onze auto kroop, terwijl we onze schoenen aan het wisselen waren (dat is gelukt).

Na deze hike van 12 km zijn we nog naar een paar uitzichtpunten geweest, maar hebben het verder rustig aangedaan. Terug bij de B&B heeft Saskia nog een rondje sauna gedaan voordat we zijn gaan avondeten.