Vandaag staat één van de populairste daghikes van Nieuw Zeeland op het programma, Roy’s Peak. Het kan nog wel eens druk worden, dus we maken haast en staan om 8:45 aan het begin van de track. Dan staat de halve parkeerplaats al vol, en het is geen kleine parkeerplaats, we zijn dus zeker niet de eersten. Het is gelukkig redelijk mooi weer. Wel bewolkt, maar de wolken zitten hoog zodat we prachtige uitzichten op het Wanakameer hebben.
De hike op zichzelf is niet heel bijzonder, over 8 km afstand 1200 m omhoog klimmen en via dezelfde weg weer naar beneden. Omdat het echter een zo goed als kale berg is (waar voornamelijk schapen op grazen) heb je de hele weg uitzicht over het meer en over de andere bergen, en vooral dat maakt het een populaire hike. Dit betekent ook dat de wat minder getrainde toerist de hike graag wil doen, en dat merken we vooral op de terugweg waarbij we toch menig fronzend gezicht tegenkomen. Vooral op de top was het overigens fris door een straf windje en het achterwege blijven van de zon, maar verder was het heerlijk wandelweer. Toch hier even gepauzeerd om een mueslireep te eten en ons laatste restje thee op te maken, want daar waren we toch we aan toe en we moesten natuurlijk ook nog weer terug.
Toen we rond een uur of één weer beneden stonden hebben we nog wat fruit en noten als 2e lunch gegeten en daarna zijn we afgereisd naar de nieuwe eindbestemming voor vandaag, Queenstown. Een stadje met 20 duizend inwoners, dat in het hoogseizoen dagelijks tot wel 100 duizend toeristen op bezoek krijgt. Onze B&B ligt een kilometer of 10 buiten de stad en het is er weer eentje met een verhaal. Al in 1872 verbleven hier de eerste gasten, toen was het nog een (klein) hotel. Voor zover ons bekend is dit de oudste B&B waar we in verbleven hebben. We werden ontvangen met heerlijke versgebakken brownies voor bij de thee. ‘s Avonds hebben we in Queenstown erg goed Indiaas gegeten.


